DSM en USaid sluiten grootschalig publiek-privaat partnerschap

Op 28 januari 2011 kondigden het Koninklijke DSM en USaid (United States Agency for International Development) aan dat zij samen zullen werken aan oplossingen voor de problemen op het gebied van voeding in ontwikkelingslanden. Het grootschalige publiek-private partnerschap kwam tot stand op het World Economic Forum in Davos. De Limburgse chemiereus DSM is de grootste producent van nutricienten, vitamines en mineralen ter wereld en wil haar kennis en expertise met USaid gaan delen. Nu maar afwachten of DSM ook een reus is als het gaat om het aanpakken van de wereldwijde honger en voedselproblemen. Vice Versa sprak met Elvira Luykx, woordvoerster van DSM.

Waarom heeft DSM ervoor gekozen de ontwikkelingshulp in te gaan?

‘Omdat het heel belangrijk is voor de wereld. Daar waar wij onze kennis en expertise kunnen delen om de allerarmsten te helpen doen wij dat; dat is onze maatschappelijke taak. DSM is nu al 4 jaar partner van het WFP (World Food Programme) en het nieuwe partnerschap met USaid was een logische volgende stap. Er is nog steeds heel veel honger op de wereld en het is een noodzaak dat als wij dat kunnen, wij een bijdrage leveren aan het verbeteren van de voedingsachtergronden van de allerarmsten, die nog maar al te vaak kampen met tekorten. Ongeveer een miljard mensen gaan iedere avond met honger naar bed. Daar komt nog eens een miljard mensen bij die lijden aan zogenaamde ‘verborgen honger’. Zij hebben basisvoedsel, koolhydraten, maar missen de noodzakelijke voedingsstoffen die ervoor zorgen dat zij gezond blijven.’

Wat houdt dit publiek-private partnerschap precies in?

‘De kern van het partnerschap is gebaseerd op het delen van DSM’s kennis en expertise met USaid. We gaan kijken waar DSM kan helpen bij het behalen van de doelstellingen van USaid. DSM zal een rol gaan spelen bij het versterken van voedselkwaliteit en voedingswaarde. DSM doet dit onder andere door nieuwe producten te ontwikkelen. Zo zal DSM zich specifiek bezig gaan houden met het verrijken van rijst, de zogenaamde ‘NutriRice’. Dit moet voornamelijk ten gunste komen aan landen met rijst als basisvoedsel. Daarnaast zal DSM verschillende programma’s van USaid gericht op voedselzekerheid ondersteunen.’

Hoe behartigt DSM het economische belang van het bedrijf enerzijds en het maatschappelijke belang anderzijds door middel van het delen van de door DSM ontwikkelde ‘succesformules’?

‘Er moet onderscheid gemaakt worden tussen verschillende modellen. We richten ons op meerdere marktsegmenten. Koopkrachtige mensen kunnen in de supermarkt betalen voor de producten. Binnen deze commerciële markten wordt  er vanuit economisch belang naar winst gestreefd. Maar aan de allerarmsten hoeven wij geen geld te verdienen. Wij richten ons aan de ene kant op de commerciële markten en aan de andere kant op ontwikkelingshulp in de vorm van financiële donaties, kennisoverdracht en het aanleveren van voedingsrijke producten. Zo stellen wij onze patenten beschikbaar aan het WFP, voor eigen gebruik en niet om door te verkopen. Het blijft natuurlijk wel onze Intellectual property (IP.)

Er bestaat kritiek dat met het verhogen van het wereldvoedselaanbod het inherente voedselverdelingsvraagstuk vaak links blijft liggen en er geen lange termijn oplossingen geboden worden voor honger- en armoedebestrijding. Hoe kijkt u hiertegen aan?

‘Er is niet een methode die altijd past. Vanuit ons vakgebied, als grootste producent van vitamines, mineralen en andere voedingsingrediënten, hebben wij veel kennis en expertise die we daar waar het nodig is aan willen  bieden. We willen dat de juiste voeding op de juiste plaats terecht komt. Natuurlijk is het maar één van de oplossingen om honger en armoede te bestrijden; het is niet de enige weg. Wel is het een weg die in veel gevallen fantastisch werkt.  Het aanpakken van het tekort aan micronutriënten bij kinderen wordt veelvuldig genoemd als een van de meest effectieve investeringen voor een land, juist met het oog op lange termijn gezondheids- en economische aspecten. We denken dat je met gerichte voedselhulp zeker belangrijke en grote slagen kunt maken, ook op de lange termijn.’

DSM zit in 49 landen over de hele wereld, ook in ontwikkelingslanden. In hoeverre ziet DSM daar ingang om aan directe lokale ontwikkelingshulp te doen?

‘Via de grote organisaties zoals USaid en WFP worden zowel grotere als kleinere lokale projecten gesteund. USaid en WFP kunnen onze steun aan hen het best doorvertalen naar lange termijn projecten in verschillende landen.’

Waarom heeft DSM gekozen voor een partnerschap met een Noord-Amerikaanse hulporganisatie en niet met een Nederlandse organisatie?

‘DSM is actief over de hele wereld en ook USaid heeft bereik over de hele wereld. Het is dus een logische samenwerking. USaid is de grootste hulporganisatie op het terrein waar wij expertise in hebben. De thema’s sluiten nauw aan bij ons vakgebied. Daarnaast is het niet het belangrijkst vanuit welke organisatie de bijdrage wordt geleverd, maar aan wie deze ten goede komt.’

Auteur
Irene Arends

Datum:
03 februari 2011
Categorieën: