Joël Voordewind (CU): ‘Onderwijs is nog steeds de sleutel tot ontwikkeling’

In het kader van ‘De Knaak van Knapen’ spreekt Vice Versa met de woordvoerders ontwikkelingssamenwerking van de verschillende politieke partijen. Deze keer is het woord aan Tweede Kamerlid voor de ChristenUnie: Joël Voordewind. Hij gaat de komende weken pleiten voor eerlijke handel: ‘We hebben allemaal boter op ons hoofd’.

Wat vindt u van de Miljoenennota en wat zou u veranderen als u met het budget mocht schuiven?

‘Allereerst wil ik de focus op onderwijs terug. Het liefst zie ik vijftien procent van het budget gereserveerd voor onderwijs. Daar heb ik vorig jaar ook al een motie over ingediend, maar die werd van tafel geveegd. Onderwijs is naar mijn mening nog steeds de sleutel tot ontwikkeling. Het liefst zie ik dat Nederland zich bezighoudt met social protection in ontwikkelingslanden. Weduwes en weeskinderen moeten bijvoorbeeld opgevangen en onderwezen worden, om zo onderdeel te worden van een uitgebreide arbeidspopulatie die economische groei kan realiseren.’

De huidige regering wil economische groei stimuleren zodat er een middenklasse ontstaat die zelf voor onderwijs en gezondheidszorg gaat zorgen. U ziet het dus juist andersom?

‘Dat is een klassieke liberale gedachte. Knapen neemt aan dat de opkomende welvaart doorsijpelt naar alle lagen van de samenleving. Dat is echter niet waar en bewezen in landen als China en India. China is booming, maar de gemiddelde Chinees moet nog steeds van 2,5 dollar per dag rondkomen. Er ontstaat dus een nouveau riche en het bnp stijgt, maar de armoede verdwijnt niet.’

‘Ook de ChristenUnie is voor economische groei waar Nederlandse bedrijven aan mee kunnen werken, maar je moet wel de ontwikkelingsrelevantie in de gaten houden. De onderlaag van de samenleving moet ook mee profiteren, en dat kan niet door zo massaal te bezuinigen op onderwijs. Wat heb je aan economische groei zonder arbeidspotentieel? Nederland zou juist moeten helpen het onderwijs op peil te krijgen in ontwikkelingslanden en tegelijkertijd de opbouw van een belastingstelsel realiseren om het onderwijs en de gezondheidszorg te bekostigen. We moeten echt social protection organiseren.’

Denkt u dat u brede steun zal krijgen voor uw standpunten in de Tweede Kamer met het wetgevingsoverleg in het vooruitzicht?

‘De bedoeling is natuurlijk om de coalitie te verleiden met onze argumenten. Vorige jaren werkte ik nog veel met het CDA samen, maar die partij heeft in deze coalitie minder ruimte om daarin mee te gaan. Ik heb noodgedwongen tijdens de Algemene Beschouwingen die motie in moeten dienen om de 0,7 procentnorm te behouden.’

Was deze motie bedoeld om het CDA kleur te laten bekennen?

‘Ja. Om het CDA nog een keer te laten uitspreken, ook tegenover Wilders, dat de 0,7 procent absoluut de ondergrens is voor de bezuinigingen. Wilders had alweer aangegeven dat als er een nieuwe bezuinigingsronde zou komen in verband met bijvoorbeeld een noodpakket voor Europa, dat hij als eerste naar het budget voor ontwikkelingssamenwerking zou kijken. Die deur hebben we nu op slot gegooid door die motie breed te laten aannemen.’

Is dat echt zo? Stelt die motie nog iets voor als het Regeerakkoord op de schop moet vanwege een nieuwe bezuinigingsronde?

‘De 0,7 procentnorm is een internationale afspraak. Bovendien is deze aangenomen door het CDA, dus daar kunnen we aan vasthouden. Het stond weliswaar al in het Regeerakkoord, maar er is nog een groot bezuinigingspakket bovenop gekomen. Daarnaast sprak Knapen voor de Algemene Beschouwingen uit dat ‘onder druk alles vloeibaar wordt’. Vandaar de motie. Als de staatssecretaris voor Ontwikkelingssamenwerking dit al zegt over zijn eigen begroting, dan zet hij zo toch de deur wagenwijd open voor Wilders om nog eens een graai te doen uit zijn begroting? OS heeft al disproportioneel een bijdrage heeft geleverd in de bezuinigingen, en dat ook nog ten koste van de allerarmsten die niks te maken hebben met de economische crisis. Onbegrijpelijk om de rekening bij deze groep neer te leggen.’

Ziet u nog wel christelijke waarden terugkomen in het beleid van de staatssecretaris?

‘In de Bijbel worden we opgeroepen om te zorgen voor de weduwen, de wezen, de vreemdeling en de armen. Barmhartigheid en recht doen aan de armen zijn typische christelijke waarden. Los van het feit of Knapen wel of niet christelijk is, zie ik deze niet voldoende terug in het ontwikkelingsbeleid. Nederland moet kijken naar de eigen handelsbarrières, maar ook die in ontwikkelingslanden doorbreken. Handelsrelaties moeten eerlijk zijn. Het huidige beleid is dan ook teveel gericht op het Nederlandse belang. Knapen wil de Nederlandse ondernemer veel meer betrekken bij ontwikkelingssamenwerking en neigt hiermee naar gebonden hulp. Daar hebben wij jaren geleden al afstand van genomen.‘

U ziet op tegen de samenwerking met het Nederlandse bedrijfsleven?

‘Als het voor beide partijen een win-win situatie is, dan vind ik het prima. Maar als het Nederlandse belang dominerend wordt, dan krijg je donor driven hulp. Als dat gebeurt dan stel je het Nederlandse belang en dus de omzet boven alle armen in de wereld. Daar is ontwikkelingssamenwerking niet voor bedoeld. Je kan dan je geld halen bij Economische Zaken, maar niet uit de pot van OS.’

‘Vergelijk Knapens aanpak eens met wat we hier in Nederland doen. Kun je je voorstellen dat we in Nederland vooral zouden investeren in de private sector en dan er vanuit gaan dat iedereen zo wel op een hoger niveau komt? De begroting van Economische Zaken is zo’n beetje de kleinste van allemaal, terwijl welke begrotingen het grootst zijn? Juist, die van onderwijs en gezondheidszorg! Daar geven we hier het meeste geld aan uit, waarom ook niet in ontwikkelingslanden?’

U bent altijd al een voorstander geweest van ontwikkelingshulp via het maatschappelijk middenveld. Hoe ziet u de toekomst van maatschappelijke organisaties na het aflopen van medefinancieringsstelsel (MFS)?

‘Van der Staaij (SGP) en ik hebben nog een amendement ingediend bij laatste begrotingsbehandeling om tien miljoen euro minder te korten op MFS-2. Het is belangrijk om ogen en oren te hebben in de samenleving. OS kan heel efficiënt door ontwikkelingsorganisaties uitgevoerd worden. Medefinancieringsorganisaties (MFO’s) werken met gedetailleerde en verantwoorde evaluaties. Kennis en kunde, verantwoording en ogen en oren in de samenleving zijn belangrijke argumenten om MFO’s te ondersteunen. Deze organisaties moeten we koesteren door middel van MFS subsidie, die we dus zeker in stand moeten houden. Natuurlijk moeten we wel kritisch blijven kijken hoe het allemaal effectiever kan.’

‘Het ontwikkelingsbudget wil je niet besteden via alleen een bilateraal en multilateraal kanaal. Bilaterale ontwikkelingshulp is lastig vanwege fragiele staten, en de multilaterale instellingen komen niet in de haarvaten van de samenleving en zien dus niet waar ontwikkelingssamenwerking het hardst nodig is. MFO’s weten precies wat er speelt, hebben contacten met mensenrechtenorganisaties en zetten politieke lobby’s op in alle uithoeken van de samenlevingen. Niet alles is op te lossen op staatsniveau.’

Tenslotte, wat verwacht u van het wetgevingsoverleg op 21 november?

‘De bezuinigingen zijn dichtgetimmerd, dus gaan we kijken hoe we geld binnen de begroting kunnen verschuiven. Zo hoop ik dat onderwijs en HIV/aids bestrijding meer ontzien worden. Als we kinderen in ontwikkelingslanden geen kans geven op onderwijs, dan stromen ze hier de asielzoekerscentra binnen. Dat wil de PVV ook niet. Daarnaast wil ik meer aandacht voor Fairtrade. Ik zal blijven pleiten voor eerlijke handel en maatschappelijk verantwoord ondernemen. Zo ben ik bezig om alle huismerken in de supermarkten ‘eerlijk’ te maken, oftewel dat deze voldoen aan de ILO (International Labour Organisation, red.) normen. We vinden allemaal dat kinderarbeid niet kan, maar ondertussen staan we wel toe dat bedrijven nog steeds kinderarbeid gebruiken door die producten te kopen. We hebben allemaal boter op ons hoofd. De productieketens moeten worden blootgelegd en transparanter worden. Ik ga me dus vooral richten op eerlijke handel, de bestrijding van kinderarbeid en HIV/aids en de instelling van social protection.’

Auteur
Mieke Olde Engberink

Datum:
09 november 2011
Categorieën: