Trouw: Wat Nigeria kan, zouden Grieken ook moeten kunnen

Uit:

ANALYSE – Nigerianen kunnen, als het om vooroordelen gaat, wedijveren met de Grieken. Verschil is dat het Afrikaanse land niet meer bij het buitenland in het krijt staat.

Even is de kou uit de lucht. De rede in het Griekse parlement heeft het gewonnen van de emotie op straat. Griekenland krijgt steun in ruil voor zware bezuinigingen. Een schare politici toonde weinig historisch besef en blèrde om het hardst dat hulp toch nooit wordt terugbetaald. Dat de Grieken er zelf een puinhoop van hadden gemaakt. Dat ze door en door corrupt zijn en vooral te lui om te werken.

De rij vooroordelen over Grieken kan langer gemaakt worden, maar dat is voor dit betoog niet relevant. Laten we in de nabije historie duiken, een vergelijkbare situatie opdiepen en enige parallelen trekken.

Het is dan zaak een volkje te zoeken dat als het om vooroordelen gaat, kan wedijveren met de Grieken: de Nigerianen. Een land dat ondanks de olie weinig welvaart heeft weten te scheppen. E-mails van oplichters leiden meestal naar Nigeria, het land is door en door corrupt, regeringsleiders ontpoppen zich altijd als dictators die er ook nog eens met het geld vandoor gaan als ze worden verdreven.

Schuldverlichting is terecht
Recent maakte het IOB, de inspectie ontwikkelingssamenwerking en beleidsevaluatie van het ministerie van buitenlandse zaken, de resultaten bekend van een onderzoek naar de schuldsanering van Nigeria.

De hoofdconclusie luidt: de theorie dat schuldverlichting economische groei stimuleert en armoede vermindert klopt. Dat Nigeria schuldverlichting kreeg is acheraf bezien terecht geweest, zo stelt het IOB.

Overheid blijft uitgeven

Kort even de casus. In de jaren zeventig is Nigeria de vijfde olieproducent ter wereld. De kas vult zich, alleen jammer dat in het decennium daarna de olieprijs daalt en de overheid daarop niet reageert met een daling van de uitgaven. Sterker nog, het land gaat voor grote projecten grote schulden aan en zo verslechtert de schuldpositie van het land.

In 1980 staat er in het buitenland 9 miljard dollar uit, in 2005 is dat bedrag opgelopen naar 34 miljard dollar waarvan 30 miljard dollar uitstond in vijftien landen die lid waren van de Club van Parijs. Die groep landen onderhandelt over schulden.

Kwijtschelden schulden als ontwikkelingshulp
Ruim vijf jaar geleden is via tussenkomst van het IMF, dat nu ook betrokken is bij Griekenland, een schuldvergelijk opgesteld. Van de 30 miljard dollar is 18 miljard kwijtgescholden. Nigeria betaalde 12,4 miljard dollar terug uit een speciaal daarvoor geopende rekening waarop inkomsten uit de olie werden weggezet. Resultaat? Bij de Club van Parijs staan geen schulden meer uit.

Nederland had een vordering van 1,3 miljard euro waarvan 731 miljoen euro werd geschrapt. Een groot deel daarvan, 622 miljoen ging de boeken in als ontwikkelingshulp waardoor Nederland keurig aan zijn verplichting voldeed om jaarlijks 0,7 procent van het bbp aan hulp te geven. Een half miljard euro werd terug ontvangen.

Bij een compleet omvallen van Nigeria zou de kwestie niet zo hebben uitgepakt. Nigeria hield er, zo blijkt uit de evaluatie, een beter beleid aan over, staat niet meer bij het buitenland in het krijt, en op het gebied van onderwijs, schoon water en gezondheidszorg is veel bereikt.

Buren van Griekenland
Wat met Nigeria kan, moet met Griekenland ook kunnen. Zijn er verschillen? Ja. Nigeria heeft olie, Griekenland niet. Maar Griekenland heeft buren genoeg die snakken naar energie uit zon en wind. Nigeria heeft daarentegen armlastige buren.

De Grieken kijken nu lijdzaam toe hoe bij hun buren, de Turken, de economie met een groei van 11 procent aan het oververhitten is. En als die Grieken nu echt slim zijn dan proberen ze een beetje van die Turkse hitte mee te pakken. Voor de 15 miljoen Turken in Istanbul kun je de moestuin worden. Tenminste als je je politieke meningsverschillen kunt bijleggen.

Auteur
Vice Versa

Datum:
15 juli 2011
Categorieën: